Bent u iets kwijt?

St. Antonius is patroon van de verloren voorwerpen!

Antonius van Padua is bij uitstek de patroon van de verloren voorwerpen. Een bekend rijmpje zingt: “Heilige Antonius, beste vrind; maak dat ik mijn [hier verloren voorwerp invoegen] vind.” Overigens tekent Erasmus in diens Enchiridion (66) aan, dat deze functie vroeger door de H. Jeroen van Noordwijk werd vervuld, omdat hij er ooit voor had gezorgd, dat een inwoner van Noordwijk zijn gestolen paarden op wonderbare wijze had teruggekregen. Erasmus merkt overigens nog op dat in zijn dagen diezelfde rol bij de Fransen door de apostel Paulus werd vervuld.

Waaraan heeft Antonius dit patronaat te danken? Het staat vast dat Antonius reeds 25 jaar na zijn dood voor deze nood werd aangeroepen. Als verklaring wijst men op het refrein van het zogeheten responsorie [= liturgisch gezang in het officie of in de mis, waarin de gelovige zijn reactie uitdrukt op de zojuist gehoorde lezing(en)]
“Si quaeris”:

Si quaeris miracula,Als je om wonderen verzoekt,
Mors, error, calamitas,Dan verdwijnen dood, dwaling,
Daemon, lepra fugiunt.rampspoed, duivel en melaatsheid.
Aegri surgunt sani.Zieken staan gezond weer op.
  
refr.:refr.:
Cedunt mare, vincula.Vloed en boeien wijken.
Membra resque perditasJong en oud vragen, en krijgen
petunt et accipiunthun toebehoren en
iuvenes et cani.verloren zaken terug.
  
Pereunt periculaGevaren lossen op, nood wijkt.
Cessat et necessitas.Laat degenen maar vertellen
Narrent hi qui sentiunt,die het meegemaakt hebben:
Dicant Paduani.die van Padua bijvoorbeeld!
  
refr.refr.
  
Gloria Patri et FilioEer aan de Vader en de Zoon
Et Spiritui Sancto.En de Heilige Geest.
  
refr.refr.
  
Ora pro nobis,Bid voor ons,
Beate Antoni.zalige Antonius.
Ut digni efficiamurOpdat wij de beloften
promissionibus Christi.van Christus waardig worden.

Deze tekst wordt dus als beurtzang gezongen in het officie van de H. Antonius. Evenals de muziek is hij afkomstig van Julianus van Spiers; deze was hofkapelmeester geweest voor zijn intrede bij de franciscaner broeders. Men vermoedt dat tekst en muziek juist met oog op de persoon van Antonius zijn gecomponeerd.

De zang bevat dertien omstandigheden waarin de voorspraak van de heilige wordt afgesmeekt; één ervan wordt aangeduid als ‘res perditas’ [= ‘verloren zaken’]. Sommigen menen dat het hier om een verschrijving zou gaan, maar dat doet niets af aan het feit dat de inwoners van Padua praktisch van het begin af aan hun heilige met name voor die ‘verloren zaken’ zijn gaan aanroepen; uit het feit dat het gebruik hardnekkig stand heeft gehouden, mogen we afleiden dat ze niet tevergeefs op hun patroon hebben vertrouwd!

Is er nog een omstandigheid in het leven van Antonius aan te wijzen waarop zijn patronaat van verloren voorwerpen wordt teruggevoerd? Het schijnt dat hij eens een bijzonder kostbaar boek kwijt was: een door hem zelf afgeschreven psalmenboek voorzien van aantekeningen die hij had gemaakt met het oog op de lessen welke hij aan zijn medebroeders in opleiding gaf. In die tijd zijn alle boeken vrucht van – letterlijk – monnikenarbeid: met de hand afgeschreven, vaak met versierde letters, soms met verluchtingen; zoiets vormde een kapitaal, nog afgezien van de emotionele waarde, daar het immers hier Antonius’ werkexemplaar was, waaruit hij bad, mediteerde en studeerde. Antonius was door dit verlies zo in verlegenheid gebracht dat hij vurig bad om het verloren voorwerp weer terug te krijgen. Niet lang daarna werd het keurig bij hem terug bezorgd: een novice die een paar dagen tevoren was uitgetreden, had het meegenomen, maar was zo door spijt achtervolgd, dat hij het eigener beweging weer terug kwam brengen.

[Veel gegevens ontleend aan: Dr L.A.M. Goossens ofm ‘Bidden met Antonius’ Utrecht Werkgroep K.750, 1984 2e dr. pp.49.102].

Overigens bestaat er nog een ander verklaring voor Antonius’ patronaat. In een middeleeuwse tekst zou hij geprezen zijn om zijn krachtdadige predikaties. Daaraan werd de conclusie verbonden, dat hij onder de mensen de verloren zeden weer terugbracht; in het Latijn: ‘mores perditos’. Bij het overschrijven van die tekst zou een monnik zich hebben verschreven en in plaats van ‘mores’ ‘res perditos’ hebben genoteerd: ‘verloren zaken’.

[Alain Guilitte ‘Les Grottes de Saint Antoine à Crupet’ in ‘Piété Populaire en Namurois’ édité à l’occasion de l’exposition à Namur 8 sept. à 8 oct. 1989′ Namur, Credit Communal, 1989 p:121]

Maar het is de vraag of zo’n simpele verschrijving zo’n enorme devotie kan veroorzaken.

Genomen uit: https://www.heiligen.net/heiligen/06/13/06-13-1231-antonius.php

Voor een actueel verhaal: https://www.omroepbrabant.nl/nieuws/168605/De-Heilige-Antonius-voor-de-hopeloze-en-verloren-zaken-helpt-ook-bij-het-vinden-van-een-baan